Deel IV

Dag 16 – Cerro Gordo Dreams & Desert Roads🏜️🐐

Cerro Gordo day is aangebroken! Na een stevig ontbijt (breakfast burrito’s, what else) zijn we nog even langs het postkantoor gestopt om onze kaartjes naar België te versturen en dan konden we aan onze rit beginnen. Needless to say dat ik belachelijk enthousiast was voor deze dag en ook meermaals heb laten uitschijnen dat ik héél teleurgesteld zou zijn als het ons niet zou lukken om tot boven te geraken. De tocht naar boven zou ongeveer een halfuur duren.

De eerste zes kilometer van de twaalf gingen eigenlijk verrassend vlot voor een onverharde bergweg. We waren hoopvol dat het op dit tempo zeker zou lukken. Af en toe was het wel spannend — smalle stukjes met enkel rotsen naast ons en diepe afgronden ernaast — maar onze auto deed het prima. In één van de filmpjes van enkele jaren geleden hadden ze via dezelfde weg een gigantische waterton naar boven gebracht op een camion. Nu we de weg zelf reden, snap ik nóg minder hoe dat ooit gelukt is.

Het landschap was ongelooflijk mooi. Ik begrijp echt niet hoe ze in de jaren 1800 hier materiaal naar boven kregen. Onderweg kwamen we resten tegen van de kabellift die later was gebouwd om zilver van boven naar beneden te brengen — oude, versleten kabels lagen gewoon naast de weg.

Alles ging perfect tot zo’n kilometer voor het einde. Plots lag er sneeuw op de weg, dus we stopten even om te bekijken wat we zouden doen. En ja, ik hoor jullie al denken: “rij gewoon door”, maar naast ons lag een afgrond van meters diep. Geen goed moment om de controle te verliezen.

Terwijl we stonden te twijfelen, zagen we een andere auto iets verderop. Er stapte een man uit die even goeiedag kwam zeggen, maar de vibe was eerlijk gezegd wat vreemd. Hij had geen idee wat Cerro Gordo was (en geloof me, hier kom je niet toevallig terecht) en zag er wat verwilderd uit. Volgens Tom had hij ook nog eens een open wonde op zijn been en hij vertelde dat hij daar in zijn auto had geslapen. Niet meteen geruststellend dus.

Aanvankelijk stelde ik voor om het laatste stukje gewoon te voet te doen, maar we voelden ons niet zo comfortabel met de situatie, dus dat idee lieten we varen. Op Google Maps zagen we dat het eigenlijk gewoon rechtdoor was tot het eindpunt, dus besloten we het risico te nemen en met de auto verder te rijden.

Gelukkig maar, want ineens zagen we het stadje opduiken: we waren boven! 🎉
Het eerste wat we tegenkwamen was Oreo, de kat. Hij was uitgehongerd en begon meteen te miauwen. Uiteraard heb ik hem wat eten gegeven (ondertussen had hij mij al enkele keren gebeten want hij had écht honger). Daarna wandelden we verder omhoog, en wie stond daar? Brent zelf! Hij was met zijn drone bezig om te filmen — die uiteraard net gecrasht was, helemaal zoals in zijn filmpjes dus.

The American Hotel was ook indrukwekkend. Het vorige gebouw was enkele jaren geleden afgebrand door een elektrisch probleem, maar met de hulp van vrijwilligers heeft Brent een nieuw hotel opgebouwd. Het is nog niet af, maar hij hoopt het rond deze tijd volgend jaar te kunnen openen.

Na een korte uitleg over de do’s and don’ts mochten we vrij rondlopen. Het voelde vreemd vertrouwd — na jaren zijn YouTube Channel volgen, was het alsof we er al eens geweest waren. Uiteraard passeerden we ook de diertjes: geitjes en lama’s, Tofu en Meatball, en ook de zwarte kat Gordo. Ik was in de wolken.

Ondanks de sneeuw en de twijfels onderweg, werd het echt het perfecte scenario. Een verlaten mijnstadje hoog in de bergen, omringd door sneeuw — ik heb zelden iets mooiers gezien. Na anderhalf uur namen we afscheid, kochten nog wat kleine souvenirs in de General Store en namen een foto met Brent. Missie geslaagd.

De afdaling ging iets makkelijker. Lunchen deden we in Lone Pine bij Carl’s Jr., terwijl we onze route verder bekeken. Daarna reden we door naar de Alabama Hills — bekend als filmlocatie van Iron Man — waar ze toevallig opnieuw aan het filmen waren toen we aankwamen. Het landschap was fenomenaal: grillige rotsformaties, een beetje Joshua Tree-vibes maar dan met besneeuwde bergtoppen op de achtergrond.

Uiteindelijk reden we verder naar Mammoth Lakes, een prachtig skidorpje in Californië. Zes jaar geleden konden we niet tot bij Twin Lakes omdat de weg ondergesneeuwd was, maar deze keer wél! Het blijft er magisch mooi.

’s Avonds boekten we last minute een supergezellig hotel, een soort Alpenchalet met een open haard in de kamer. Diner deden we bij John’s Pizza Works, waar we zes jaar geleden ook al pizza aten — met een milkshake als bonus natuurlijk.

Vandaag was absoluut één van de hoogtepunten van de reis. Cerro Gordo stond al zo lang op onze lijst, en ondanks de sneeuw en de gekke ontmoeting onderweg, is alles nog beter uitgedraaid dan we konden hopen.

Dag 17 – Snowy Skies & Lake Tahoe Vibes❄️🏔️

We werden wakker in wat leek op een sneeuwsprookje. Alles lag bedekt onder een wit tapijt en het was er super cosy. Voor we vertrokken heb ik nog even de open haard opgezet — waarom niet? Na een uitgebreid pannenkoekenontbijt met banaan, blauwe bessen en chocolate chips (veel te veel, zoals altijd hier), vertrokken we richting South Lake Tahoe, ongeveer twee uur rijden door besneeuwde bossen.

Eigenlijk wilden we naar Yosemite, maar door de storm van enkele dagen geleden was de Tioga Pass opnieuw gesloten. Net als zes jaar geleden dus. Jammer, maar dan blijft er iets over voor de volgende keer.

South Lake Tahoe bleek een gezellig alternatief: een charmant skidorpje waar het seizoen nog net niet begonnen was. We wandelden wat door de winkelstraat en gingen lunchen bij Applebee’s. Leuk detail: South Lake Tahoe ligt precies op de grens van Californië en Nevada — de casino’s staan netjes aan de Nevada-kant, want daar is gokken wél legaal.

Daarna reden we naar Lake Tahoe Nevada State Park, waar we zes jaar geleden ook al waren. Het blijft een prachtig plekje, vol eekhoorntjes, dennenbomen en een glashelder meer dat ijskoud is, met besneeuwde bergtoppen aan de overkant.

Op weg naar Roseville zagen we een bord met Pacific Crest Trail erop. Die wandelroute van 4.265 km loopt van Mexico tot Canada en werd beroemd door de film Wild met Reese Witherspoon, gebaseerd op Cheryl Strayed haar tocht. De Belg Karel Sabbe vestigde er het wereldrecord en scherpte dat in 2023 aan tot 46 dagen, 12 uur en 50 minuten.

Vlak voor ons hotel stopten we nog bij Bass Pro Shops — uiteraard zijn we niet met lege handen vertrokken — en daarna bij HomeGoods, een rommelige maar geweldige versie van Maison du Monde, vol Halloween- en kerstspullen. Diner deden we bij Panda Express (kan iemand dit concept alsjeblieft naar België brengen?).

’s Avonds was het TV night: nieuwe afleveringen van 911 Nashville en Grey’s Anatomy! Twee uur lang pure ontspanning — al zal ik die eindeloze reclameblokken écht niet missen.

Dag 18 – Golden Gates & City Lights🌉🌆

Na een ontbijt in het hotel vertrokken we richting San Francisco. Onze eerste stop was Sonoma Raceway, waar ze toevallig aan het trainen waren — heel leuk om van dichtbij te zien, iets wat in België nooit zomaar zou kunnen.

Daarna reden we over de Golden Gate Bridge naar Land’s End, een park met uitzicht op de oceaan én de brug zelf. Echt een prachtig plekje om even te wandelen.

Kleine verwarring toen we wilden inchecken: blijkbaar zijn er twee La Quinta Inns — een Noord en een Zuid — en je kan al raden waar wij eerst stonden. Gelukkig was het juiste hotel maar vijftien minuten verder. Na even opfrissen trokken we het centrum in.

Eerste halte: de Nintendo Store! We hadden de winkel in New York City al eens bezocht, maar deze in San Francisco is nog maar pas open. Daarna wandelden we door Macy’s om hun kerstdecoratie te bekijken (I’m obsessed) en gingen we richting Fisherman’s Wharf. Daar was het gezellig druk, met winkeltjes, restaurants en uitzicht op Alcatraz. De zeeleeuwen zorgden voor de soundtrack.

We aten clam chowder als voorgerecht en linguine met clams als hoofdgerecht — echt top. Op de terugweg reden we langs de kustlijn en passeerden we Oracle Park, het indrukwekkende baseballstadion met zicht op de zee. Op hotel maakten we nog snel wat plannen voor de laatste week van onze reis.

Dag 19 – Herten, Chips & Chili’s🌁🦌🌮

Na een snel ontbijt vertrokken we opnieuw op pad! Onze eerste stop was de Golden Gate Bridge, deze keer om echt even te stoppen voor een uitzicht. Lombard Street mocht zeker niet ontbreken. De kronkelende, super steile weg langs de mooiste huisjes blijven super indrukwekkend! We bleven niet lang — San Francisco staat bekend om autodiefstallen, en met al onze valiezen in de auto wilden we geen risico nemen.

Daarna reden we richting Cupertino, de thuisbasis van Apple. Hun Visitor Center blijft indrukwekkend: het gebouw bestaat bijna volledig uit glas, en blijkbaar kost één zo’n paneel een miljoen dollar. Crazy.

Voor lunch had ik zin in In-N-Out, maar dat bleek een hele onderneming. Verkeerslichten kapot, protesten onderweg — blijkbaar waren er overal No Kings–betogingen tegen de regering van Trump. Best bijzonder om mee te maken.

Een uur later kwamen we aan in Santa Cruz, een gezellig stadje met een Beach Boardwalk vol kermisattracties en eetkraampjes. Het deed me denken aan Coney Island in New York, of zelfs een beetje aan RollerCoaster Tycoon.

Na wat postkaartjes gekocht te hebben reden we verder naar Monterey. Eerst even door het shoppingcentrum en daarna besloten we waar we zouden overnachten. Niet veel later zaten we gezellig bij Chili’s, een Tex-Mex diner waar we al lang eens naartoe wilden. We bestelden fajita’s en quesadilla’s, en ze waren overheerlijk.

Onderweg terug naar het hotel zagen we nog een hertje langs de weg — ze zitten hier écht overal! Zo konden we alweer een mooie dag afsluiten. Nog vijf dagen te gaan voor we weer naar huis vertrekken.

Dag 20 – Monterey Magic & Paso Robles Tacos🌊🌮
We begonnen de dag met ontbijt in het hotel en trokken daarna richting de 17-Mile Drive. Onderweg zagen we herten op de baan lopen, wat meteen zorgde voor een goed begin van de dag. Die route blijft echt één van de mooiste stukjes kust van Californië: de zee aan je rechterkant, kronkelende wegen en uitzichten die precies uit een film komen. Niet zo gek ook, want Big Little Lies is hier grotendeels gefilmd. Je herkent die typische sfeer meteen — rustige luxe, strandvilla’s en de oceaan op de achtergrond.

Onderweg stopten we even bij een uitkijkpunt waar eekhoorns rondliepen en daarna reden we door naar de Bixby Creek Bridge. Dat blijft toch een magisch plekje. Elke keer dat ik daar sta, moet ik denken aan Bixby Canyon Bridge van Death Cab for Cutie. Dat melancholische gevoel van dat nummer past gewoon perfect bij dat uitzicht.

Na de brug reden we verder naar Carmel-by-the-Sea, een klein, sprookjesachtig dorpje met witte huisjes en bloemen overal. Daarna trokken we richting Monterey, waar we op Fisherman’s Wharf fish taco’s en clam chowder aten — superlekker, met zicht op de haven en een paar zeeleeuwen op de achtergrond.

In de namiddag gingen we naar Laguna Seca, waar Porsches over het circuit raasden. Helaas geen Patrick Dempsey of McDreamy gezien vandaag, al zou hij hier soms wel eens te vinden zijn. Misschien zat hij gewoon ergens in de pitlane te dromen van zijn volgende race. 😉

Zes jaar geleden waren we hier ook, en toen dacht ik dat ik stokstaartjes had gezien. Vandaag werd eindelijk bevestigd dat het gewoon eekhoorns waren. Oeps. 😅

Daarna reden we verder naar Paso Robles en checkten we in op het hotel. Voor het avondeten stopten we bij een kleine Mexicaanse foodtruck aan de kant van de weg. De eigenaars spraken amper Engels, maar de taco’s waren fenomenaal — misschien wel de beste van de hele reis. 🌮

Leave a comment

Design a site like this with WordPress.com
Get started